In Denemarken zijn geen tolwegen. Je rijdt er vrij over snelwegen en gewone wegen zonder tolpoortjes of vignetteverplichting. Er zijn wel twee belangrijke uitzonderingen: de Grote Beltbrug en de Øresundbrug. Voor beide bruggen betaal je tol, en de kosten kunnen flink oplopen als je er niet op voorbereid bent.
Geen tolwegen in Denemarken, maar wel tolbruggen
Het wegennet in Denemarken is vrij toegankelijk voor alle voertuigen. Je hoeft geen vignet te kopen zoals in Oostenrijk of Zwitserland, en je betaalt geen toltarieven bij opritten zoals in Frankrijk. Alleen bij de twee grote bruggen wordt tol geheven. Dat maakt Denemarken relatief goedkoop om doorheen te rijden, tenzij je juist die bruggen nodig hebt.
De Grote Beltbrug (Storebæltsbroen)
De Grote Beltbrug verbindt het eiland Funen (Fyn) met Sjælland, het eiland waarop ook Kopenhagen ligt. Dit is verreweg de drukste brug voor wegverkeer in Denemarken en bijna onvermijdelijk als je vanuit Jutland naar Kopenhagen rijdt. De brug is zo’n 18 kilometer lang en bestaat uit een weggedeelte en een afzonderlijk spoorgedeelte.
Tol betaal je aan de kant van Sjælland, dus in de rijrichting vanuit Jutland naar Kopenhagen. In de andere richting keer je terug via dezelfde brug, en dan betaal je ook. De tarieven variëren per voertuigcategorie. Een gewone personenauto betaalt naar schatting rond 250 tot 270 Deense kronen per passage (circa 33 tot 36 euro, tarieven in 2026). Camperbussen en voertuigen met aanhanger vallen in hogere tariefklassen en betalen meer.
Betalen kan met creditcard, debitcard of contant. Er zijn ook kortingsprogramma’s voor frequente gebruikers via een abonnement (BroBizz), maar voor eenmalig vakantieverkeer is dat niet de moeite waard.
De Øresundbrug (Øresundsbroen)
De Øresundbrug verbindt Kopenhagen met de Zweedse stad Malmö. Technisch gezien betaal je tol voor deze brug aan de Zweedse kant, maar de brug is onderdeel van de verbinding tussen Denemarken en Zweden. Als je vanuit Denemarken naar Zweden rijdt, betaal je aan de overkant. Rij je vanuit Zweden naar Denemarken, dan betaal je voor vertrek in Zweden.
De Øresundbrug is ruim 16 kilometer lang en combineert een brug met een tunnel. Voor een gewone personenauto bedragen de tolkosten naar schatting rond 375 tot 400 Zweedse kronen (omgerekend circa 33 tot 35 euro, tarieven in 2026). Ook hier gelden hogere tarieven voor grotere voertuigen.
Betalen kan ook hier met de gangbare betaalpassen. Het systeem werkt met tolpoortjes die je doorrijdt. Er zijn rijstroken voor BroBizz-transponders voor snellere afhandeling, maar voor eenmalig gebruik kies je gewoon de kassa-rijstrook.
Alternatief voor de Grote Beltbrug: de veerboot
Wie de tolkosten van de Grote Beltbrug wil vermijden, kan de veerboot nemen tussen Knudshoved en Halsskov. Dit is een oudere oversteek die nog steeds bestaat. De overtocht duurt langer dan de brug, maar kan voor grotere groepen of camperbezitters voordeliger uitvallen als je de totale kosten vergelijkt. Controleer altijd de actuele veertarieven en dienstregeling voordat je die route plant.
Praktische tips voor de tolbruggen in Denemarken
- Houd betaalpassen bij de hand. Contant geld wordt geaccepteerd, maar betalen per kaart gaat sneller.
- Rij je met een aanhanger of caravan? Reken dan op een hoger tarief, soms twee tot drie keer het basistarief voor een personenauto.
- Voor de Øresundbrug betaal je in Zweedse kronen aan de Zweedse kant, niet in euro’s of Deense kronen.
- Wil je de brug overdag overdag passeren in het hoogseizoen? Houd rekening met wachttijden bij de tolpoortjes, al vallen die in de praktijk vaak mee buiten de spitsuren.
- Vignet of tolweg-apps zijn in Denemarken niet nodig. Je kunt gewoon oprijden.
Voor de meeste toeristen die Denemarken bezoeken, zijn de tolkosten van de Grote Beltbrug de enige tegenvallers onderweg. De brug vermijden is mogelijk maar kost tijd. Neem de brug gewoon mee in je reisbudget, dan kom je niet voor verrassingen te staan bij het tolpoortje.





